- De volgende fase van lokale initiatieven dient zich aan; hoe ziet die eruit?
- Naar een nieuwe verhouding tussen bottom-up beweging en top-down planning

Redactie: Simon Franke, Jeroen Niemans, Frans Soeterbroek
Bijdragen: Saskia Beer, Marije van den Berg, Joost Beunderman, Simon Franke, Zef Hemel, Marc Holvoet, Bart Lammers, Arie Lengkeek, Sabrina Lindemann, Joachim Meerkerk Jeroen Niemans, Marit Overbeek, Ed Ravensbergen, Arnold Reijndorp, Frans Soeterbroek, Emilie Vlieger, Sjors de Vries, Peter Paul Witsen
Ontwerp: Sam de Groot 

2015, trancityxvaliz met Jaar van de Ruimte 2015 en Platform 31 | paperback | 174 blz. | 22 x 14 cm (h x b) | Nederlands | ISBN 978-94-92095-05-3

Inleiding (pdf)


De laatste jaren zien we een sterke groei van lokale initiatieven in de leefomgeving. Van gebruik van leegstaande gebouwen tot stadslandbouw op braakliggende terreintjes tot kleinschalige gebiedsontwikkeling. Het ging aanvankelijk vaak om tijdelijke projecten in de pauze van de ruimtelijke ontwikkeling veroorzaakt door de economische crisis.
Burgers en professionals ontdekken hoe leuk het is om zelf je eigen leefomgeving vorm te geven - je eigen woning, je eigen buurthuis, je eigen sociale onderneming – om zelf de stad te maken. Nieuwe energie komt vrij, bewoners nemen het publiek domein in bezit, publieke waarden zijn belangrijker dan zoveel mogelijk geld verdienen, nieuwe vormen van collectieve samenwerking ontstaan.
Maar na een aantal jaren enthousiast pionieren dienen zich vragen aan. Bijvoorbeeld: hoe kunnen projecten die draaien op onvermoeibare vrijwilligers en/of tijdelijke subsidies gecontinueerd worden?

Winkelwagen

De winkelwagen is leeg